Naar hoofdinhoud

Paragraaf 3

Artikel 26

Vervolgstemmingen

Onderdeel van Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad

1.. Ingeval bij de eerste stemming over een benoeming van personen – waaronder begrepen keuze, voordracht en aanbeveling – niemand de in artikel 30, eerste lid, van de Gemeentewet bedoelde volstrekte meerderheid heeft verkregen, wordt een tweede vrije stemming gehouden. 2.. Is ook bij een tweede stemming door niemand de volstrekte meerderheid verkregen, dan wordt de derde stemming beperkt tot de twee personen, die bij de tweede stemming de meeste stemmen verwierven. 3.. Indien bij de tweede vrije stemming een gelijk aantal stemmen is uitgebracht op meer dan twee personen en dit aantal stemmen groter is dat het aantal op anderen uitgebrachte stemmen, beslist het lot tussen degenen, die het grootste aantal stemmen verkregen, welke twee personen voor de derde stemming in aanmerking komen. 4.. Indien bij de tweede vrije stemming een persoon het grootste aantal stemmen doch niet de volstrekte meerderheid heeft verkregen, terwijl op twee of meer andere personen een gelijk aantal stemmen is uitgebracht, dan beslist het lot, wie van deze laatsten met de persoon, die het grootste aantal stemmen verkreeg, voor de derde stemming in aanmerking zal worden gebracht. 5.. Staken bij de derde stemming de stemmen, dan wordt een herstemming tussen dezelfde twee personen gehouden. 6.. Staken ook bij de herstemming de stemmen, dan beslist in overeenstemming met artikel 31, derde lid, van de Gemeentewet direct het lot. 7.. Artikel 28 van de Gemeentewet wordt, voor zover nodig, in acht genomen bij de toepassing van het bepaalde in het tweede en vijfde lid.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel