Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7.

Artikel 7.2.

Handhaven vindt plaats onder bestuurlijke verantwoordelijkheid

Onderdeel van Nota Integrale Handhaving, visie op de handhaving en handhavingsbeleid gemeente De Ronde Venen

Duidelijk moet zijn dat het gemeentebestuur altijd de verantwoordelijkheid draagt voor handhaving. Het bestuur moet het ambtelijk apparaat de noodzakelijke/onontbeerlijke rugdekking (blijven) geven. De verschillende rollen moeten echter duidelijk worden onderscheiden. Achtereenvolgens wordt ingegaan op de rol van de raad, het college van burgemeester en wethouders, de burgemeester en de ambtelijke organisatie. De rol van de raad (de kaders/hoofdlijnen). Het is noodzakelijk dat de raad als hoogste bestuursorgaan van de gemeente zich uitspreekt over het handhavingsbeleid en de hoofdlijnen van het niveau van de handhaving, de prioritering, de intensiteit,de formatie en andere noodzakelijke middelen. De raad heeft geen wettelijke bevoegdheden als het gaat om de toepassing/uitvoering van handhaving. Wel kan de raad verordeningen vaststellen en strafbepalingen in verordeningen opnemen. De raad heeft, mede in de lijn met de dualisering van het gemeentebestuur, een kaderstellende en controlerende rol op het gebied van handhaving. Het vaststellen van deze nota Integrale Handhaving door de raad is hierbij een eerste (kaderstelllende) stap. Daarnaast zullen handhavingsaspecten een plaats krijgen in de bestuursrapportages, de productbegroting en de door de raad zelf vast te stellen programmabegroting. Naast het handhavingsbeleid in algemene zin zal handhaving op de beleidsterreinen ook in de raadscommissies aan de orde komen. De rol van het college van burgemeester en wethouders (de besluitvoering/uitvoering). Het college van burgemeester en wethouders is verantwoordelijk voor handhaving. Het college is het bestuursorgaan dat bestuursrechtelijk optreedt (naast de burgemeester) en in het college zullen de prioriteiten moeten worden afgewogen als het gaat om handhaving op beleidsniveau en op zaaksniveau. De bestuursrechtelijke bevoegdheden zijn aan het college van burgemeester en wethouders en aan de burgemeester toegewezen. Zij zijn in de regel rechtstreeks bevoegd uit de wet (attributie). Een voorbeeld hiervan is artikel 125 lid 1. van de Gemeentewet waarin is bepaald dat de bevoegdheid tot toepassing van bestuursdwang wordt uitgeoefend door het college, indien de toepassing van bestuursdwang dient tot handhaving van regels welke het gemeentebestuur uitoefent. De vakportefeuillehouder is in het college primair aanspreekbaar over handhavingsbeleid en politiek gevoelige acties op handhavingsgebied De inzet van handhavingsinstrumenten en bevoegdheden is in de meeste gevallen thans, voor wat de uitvoering zelf betreft, op directie/afdelingsniveau in de organisatie gemandateerd. De besluitvorming is aan het college voorbehouden. Uiteraard geldt dat bij politiek gevoelige handhavingsacties de betrokken portefeuillehouder wordt geï nformeerd. Voor de inzet van instrumenten en het gebruik maken van bevoegdheden wordt, in het nog uit te werken Handhavingsprogramma, per beleidsterrein een Handhavingsprotocol gemaakt. In dit Handhavingsprotocol wordt geregeld voor welke categoriën zaken de portefeuillehouder wordt ingelicht en op welk moment de besluitvorming door het college plaatsvindt. De rol van de burgemeester. De burgemeester heeft een drievoudige rol voor wat betreft handhaving. Hij heeft enerzijds eigenstandige handhavingsbevoegdheden op gebied van Algemeen Bestuur , Openbare Orde en Veiligheid. Anderzijds is hij als voorzitter en lid van het college medeverantwoordelijk voor het gehele handhavingsbeleid. Bovendien heeft de burgemeester bestuurlijke coördinatie als aandachtspunt. Tenslotte is hij in het driehoeksoverleg direct betrokken bij het aansturen van de politie. In artikel 125 lid 2 van de Gemeentewet is opgenomen dat de bevoegdheid tot toepassing van bestuursdwang evenwel wordt uitgeoefend door de burgemeester, indien de toepassing van bestuursdwang dient tot handhaving van regels welke hij uitvoert. Meer dan vroeger het geval was wordt de bestuurlijke rol bij handhaving versterkt. Er wordt gestreefd naar “eenheid van handhaving” op bestuurlijk- en praktijkniveau, kortom integrale handhaving. De burgemeester heeft hierin een coördinerende rol die goed past bij de nieuwe taken van de burgemeester op grond van de dualisering van het lokaal bestuur, zoals het “burgerjaarverslag” en “kwaliteit van de gemeentelijke dienstverlening”. Hierop aansluitend verdient het aanbeveling de burgemeester als portefeuillehouder Algemeen Bestuur en Openbare Orde en Veiligheid tevens te belasten met de coördinatie van de handhaving. De rol van de ambtelijke organisatie. De afdelingshoofden/bureauchefs zijn verantwoordelijk voor het uitvoeren van de bij hun beleidsterrein behorende handhavingstaak. Tevens zijn zij belast met afstemming en of samenwerking bij handhaving op beleidsniveau en uitvoeringsniveau en het voorbereiden/opstellen van de handhavingsprogramma’s.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel