Voor jeugdigen en ouders die op het moment van inwerkingtreding van de
Jeugdwet en deze Verordening Jeugdhulp al een verwijzing in de zin van de
Zorgverzekeringswet (Zvw) of een indicatiebesluit in de zin van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten
(AWBZ) of de Wet op de jeugdzorg (Wjz) hebben, is het overgangsrecht van toepassing zoals
bedoeld in artikel 10.1, 10.2 en 10.3 van de Jeugdwet.
Wanneer sprake is van overgangsrecht is het college er voor
verantwoordelijk dat de jeugdige de jeugdhulp kan voortzetten bij dezelfde aanbieder, indien dit
redelijkerwijs mogelijk is. Daarbij geldt dat deze verwijzingen en indicatiebesluiten maximaal een jaar na
inwerkingtreding van de Jeugdwet blijven gelden.
In afwijking van het tweede lid geldt, in geval sprake is van een
indicatiebesluit waarin is vastgesteld dat de jeugdige aangewezen is op pleegzorg, geen einddatum
voor de rechten en verplichtingen die verbonden zijn aan dit besluit jegens het
college.