De reclamebelasting wordt niet geheven ter zake van openbare
aankondigingen:
die als algemene bewegwijzering waarmee een algemeen belang wordt
gediend kunnen worden aangemerkt;
die door of in opdracht van het rijk, de provincie, de gemeente of
het waterschap zijn geplaatst of aangebracht, indien en voor zover
de openbare aankondiging geschiedt ter uitvoering van de publieke
taak;
die door (semi) overheden of cultureel-maatschappelijke instellingen
zijn aangebracht en die een cultureel, maatschappelijk, charitatief
of ideëel belang dienen;
op zuilen, borden, muren of andere constructies, aangewezen door het
bevoegde bestuursorgaan;
aangebracht op bouwterreinen, voor zover deze aankondigingen
rechtstreeks betrekking hebben op de op dat terrein in uitvoering
zijnde bouwwerkzaamheden;
aangebracht op een voertuig, tenzij die kennelijk is bestemd voor
het voeren van reclame;
betrekking hebbend op openbare verkoping, verkoop of verhuur van een
onroerende zaak, indien deze aanwezig zijn in de onmiddellijke
aanwezigheid van de te verkopen dan wel te verhuren zaak;
die korter dan 13 weken aanwezig zijn, tenzij deze openbare
aankondigingen zijn aangebracht, getoond of vertoond in een
voorziening waarin, waaraan of waarop wisselende openbare
aankondigingen worden aangebracht, getoond of vertoond, die
individueel korter dan 13 weken aanwezig zijn, maar waarbij de
verschillende openbare aankondigingen gezamenlijk 13 weken of meer
aanwezig zijn;
waarvoor op grond van een privaatrechtelijke overeenkomst betaling
aan de gemeente moet geschieden of een vergoeding aan de gemeente
verschuldigd is.
Artikel 5.
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van reclamebelasting bedrijventerreinen 2015