Indien de jeugdige en ouders dit wensen, verstrekt het college een persoonsgebonden budget dat hen in staat stelt de jeugdhulp die tot de individuele voorziening behoort, van derden te betrekken.
Conform artikel 8.1.1 van de wet verstrekt het college de jeugdige en ouders een pgb, indien:
de jeugdige en ouders naar het oordeel van het college op eigen kracht voldoende in staat zijn tot een redelijke waardering van de belangen ter zake dan wel met hulp uit hun sociale netwerk dan wel een curator, bewindvoerder, mentor of gemachtigde, in staat zijn de aan een pgb verbonden taken op verantwoorde wijze uit te voeren;
de jeugdige en ouders zich gemotiveerd op het standpunt stellen dat zij de individuele voorziening als pgb geleverd wensen te krijgen;
naar het oordeel van het college is gewaarborgd dat de jeugdhulp die tot de individuele voorziening behoort en die de jeugdige en ouders van het budget willen betrekken, van goede kwaliteit is.
Voor het tarief voor een pgb geldt het volgende:
het is gebaseerd op een door de jeugdige en ouders opgesteld plan over hoe zij het pgb gaan besteden;
het is toereikend om effectieve en kwalitatief goede zorg in te kopen;
het bedraagt ten hoogste de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst passende individuele voorziening in natura;
indien de kosten hoger zijn dan de kostprijs van de naar het oordeel van het college passende individuele voorziening in natura is er de mogelijkheid dat de jeugdige en ouders het verschil tussen de kosten en de kostprijs naar het oordeel van het college zelf bekostigen.
De hoogte van een pgb voor jeugdhulp is opgebouwd uit verschillende kostencomponenten, zoals salaris, vervanging tijdens vakantie, verzekeringen en reiskosten.
De jeugdige en ouders aan wie een pgb wordt verstrekt, kan de jeugdhulp onder de volgende voorwaarden betrekken van een persoon die behoort tot het sociaal netwerk:
het inhuren van personen uit het sociaal netwerk leidt tot effectieve en doelmatige hulp;
het inhuren van personen uit het sociaal netwerk gebeurt op basis van een lager tarief dan het ingevolge het derde lid vastgestelde tarief voor beroepskrachten, en
de persoon uit het sociaal netwerk heeft aangegeven dat de hulp aan de jeugdige en ouders voor hem niet tot overbelasting leidt;
tussenpersonen of belangbehartigers worden niet uit het pgb betaald.
Het college kan nadere regels stellen over het pgb.
Hoofdstuk
Artikel 5.1
Regels voor pgb
Onderdeel van Verordening jeugdhulp gemeente Pijnacker-Nootdorp 2015