Met ingang van de datum waarop van de eigena(a)r(en) of anderszins zakelijk gerechtigden van een stads- en dorpsgezicht de kennisgeving van het voornemen tot aanwijzing als gemeentelijk stads- en dorpsgezicht ontvangen tot het moment dat de aanwijzing en registratie als bedoeld in artikel 20 plaatsvindt, dan wel onherroepelijk vaststaat dat het stads- en dorpsgezicht niet wordt geregistreerd, zijn de artikelen 24 tot en met 28 van overeenkomstige toepassing.