Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 2

Vaststelling hoogte toetsingsinkomen

Onderdeel van Besluit tegemoetkoming kosten kinderopvang als gevolg van sociaal medische redenen 2009

1.. Het toetsingsinkomen bedraagt de som van alle inkomsten die door belanghebbende en of diens partner wordt genoten in de peilmaand is ontvangen. 2.. Indien er in de peilmaand sprake is van een wisselende inkomsten of eenmalige inkomsten wordt uitgegaan van een gemiddeld inkomen. Het gemiddeld inkomen wordt berekend door de som van het inkomen dat gedurende 12 maanden voorafgaand aan de peilmaand is genoten te delen door 12. 3.. Indien de tegemoetkoming betrekking heeft op een pleegkind wordt de door belanghebbende en of diens partner ontvangen vergoeding voor de pleegzorg niet als inkomsten van belanghebbende en of diens partner beschouwd. 4.. In afwijking van het gestelde in derde lid wordt indien de vergoeding voor de pleegzorg meer bedraagt dan het bedrag genoemd in bijlage 4 bij de Regeling pleegzorg, het meerdere als inkomsten van belanghebbende en of diens partner beschouwd. 5.. Indien er naar het oordeel van het college sprake is van een noodzakelijke samenloop van opvang in een peuterspeelzaal, een overblijfmogelijkheid voor kinderen die de basisschool bezoeken en kinderopvang als gevolg van sociaal medisch redenen, wordt het toetsingsinkomen verminderd met de door belanghebbende en of diens partner verschuldigde bijdrage voor het bezoek aan de peuterspeelzaal en of het gebruik van de overblijfmogelijkheid, tenzij op grond van de verordening hiervoor een tegemoetkoming wordt verstrekt.

Rechtspraak bij dit artikel