**1..** Het college neemt het verslag als uitgangspunt voor de beoordeling van
een aanvraag om een maatwerkvoorziening.
**2..** Een cliënt komt in aanmerking voor een maatwerkvoorziening:
ter compensatie van de beperkingen in de zelfredzaamheid en/of
participatie die de cliënt ondervindt;
voor zover de cliënt deze beperkingen naar het oordeel van het
college niet op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, met
mantelzorg of met hulp van andere personen uit zijn sociale
netwerk dan wel met gebruikmaking van algemeen gebruikelijke
voorzieningen of algemene voorzieningen kan verminderen of
wegnemen;
de maatwerkvoorziening levert, rekening houdend met de
uitkomsten van het in artikel 5 en/of 6 bedoelde onderzoek, een
passende bijdrage aan het realiseren van een situatie waarin de
cliënt in staat wordt gesteld tot zelfredzaamheid en/of
participatie en zo lang mogelijk in de eigen leefomgeving kan
blijven, en
ter compensatie van de problemen bij het zich handhaven in de
samenleving van de cliënt met psychische of psychosociale
problemen en de cliënt die de thuissituatie heeft verlaten, al
dan niet in verband met risico’s voor zijn veiligheid als gevolg
van huiselijk geweld, voor zover de cliënt deze problemen naar
het oordeel van het college niet op eigen kracht, met
gebruikelijke hulp, met mantelzorg of met hulp van andere
personen uit zijn sociale netwerk dan wel met gebruikmaking van
algemene voorzieningen kan verminderen of wegnemen. De
maatwerkvoorziening levert, rekening houdend met de uitkomsten
van het in artikel 5 en/of 6 van deze verordening bedoelde
onderzoek, een passende bijdrage aan het voorzien in de behoefte
van de cliënt aan beschermd wonen of opvang en aan het
realiseren van een situatie waarin de cliënt in staat wordt
gesteld zo zich snel mogelijk weer op eigen kracht te handhaven
in de samenleving.
**3..** Ten aanzien van een maatwerkvoorziening met betrekking tot
zelfredzaamheid en/of participatie geldt dat een cliënt alleen voor een
maatwerkvoorziening in aanmerking komt als:
de noodzaak tot ondersteuning voor de cliënt redelijkerwijs niet
voorzienbaar was, en
de voorziening voorzienbaar was, maar van de cliënt
redelijkerwijs niet verwacht kon worden maatregelen te hebben
getroffen die de hulpvraag overbodig had gemaakt.
**4..** Als de cliënt is aangewezen op een maatwerkvoorziening ten behoeve van
de zelfredzaamheid en/of participatie, geldt het primaat van de
goedkoopst adequate voorziening. Het college verstrekt de goedkoopst
adequate maatwerkvoorziening.
Artikel 9.
Criteria voor een maatwerkvoorziening
Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning Bergen op Zoom 2015