**1..** Met inachtneming van artikel 8 onder 1 kan een cliënt in aanmerking
komen voor opvang als:
a. hij feitelijk of residentieel dakloos is en niet in staat is zich
op eigen kracht te handhaven in de samenleving;
b. hij de situatie van dakloosheid en niet in staat zijn zich op
eigen kracht te handhaven in de samenleving -niet op eigen kracht,
met gebruikelijke hulp, met mantelzorg of met hulp van andere
personen uit zijn sociale netwerk dan wel met gebruikmaking van
algemene voorzieningen of andere maatwerkvoorzieningen gericht op
het bevorderen van de participatie en zelfredzaamheid in voldoende
mate kan verminderen of wegnemen;
c. opvang een passende, noodzakelijke en tijdelijke bijdrage levert
aan het voorkomen van dakloosheid, het psychosochiaal functioneren,
voorkomen van verwaarlozing of maatschappelijke overlast en/of het
afwenden van gevaar voor de cliënt of anderen en de behoefte van de
cliënt met als doel het realiseren van een situatie waarin de cliënt
in staat wordt gesteld zich zo snel mogelijk weer op eigen kracht te
handhaven in de samenleving.
**2..** Met inachtneming van artikel 8 onder 1 kan een cliënt (alsmede
eventuele kinderen van deze cliënt) in aanmerking komen voor opvang
als;
a. deze de thuissituatie heeft verlaten, in verband met risico's
voor de veiligheid van deze cliënt (en/of de kinderen van deze
cliënt) als gevolg van huiselijk geweld, en de cliënt niet in staat
is zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving;
b. deze de situatie -waarbij de cliënt de thuissiuatie heeft
verlaten, in verband met risico's voor veiligheid van de cliënt
(en/of de kinderen van deze cliënt) als gevolg van huiselijk
geweld-, niet op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, met
mantelzorg of met hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk
dan wel met gebruikmaking van algemene voorzieningen of andere
maatwerkvoorzieningen gericht op het bevorderen van de participatie
en zelfredzaamheid in voldoende mate kan verminderen of
wegnemen;
c. opvang een passende, noodzakelijke en tijdelijke bijdrage levert
aan het afwenden van gevaar voor de cliënt (en/of de kinderen van
deze cliënt), voorkomen van dakloosheid, het psychosociaal
functioneren, voorkomen van verwaarlozing of maatschappelijke
overlast en de behoefte van de cliënt met als doel het realiseren
van een situatie waarin de cliënt (en/of de kinderen van deze
cliënt) in staat wordt gesteld zich zo snel mogelijk weer op eigen
kracht en in een veilige situatie te handhaven in de
samenleving.
**3..** Met inachtneming van artikel 8 onder 1 kan een cliënt in aanmerking
komen voor beschermd wonen op grond van de Wmo 2015 als;
a. hij psychische- of psychosociale problemen heeft en niet in staat
is zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving en;
b. hij de situatie van psychische of psychosociale problemen -met
als gevolg het niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven
in de samenleving- niet op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, met
mantelzorg of met hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk
dan wel met gebruikmaking van algemene voorzieningen of
maatwerkvoorzieningen gericht op het bevorderen van de participatie
en zelfredzaamheid in de thuissituatie in voldoende mate kan
verminderen of wegnemen;
c. beschermd wonen een passende en noodzakelijke bijdrage levert aan
het bevorderen van de zelfredzaamheid en participatie, het psychisch
en psychociaal functioneren, stabilisatie van een psychatrisch
ziektebeeld, voorkomen van verwaarlozing of maatschappelijke
overlast en/of het afwenden van gevaar voor de cliënt of anderen en
daarbij voorziet in de behoefte van de cliënt met als doel het
realiseren van een situatie waarin de cliënt in staat wordt gesteld
zich zo snel mogelijk weer op eigen kracht te handhaven in de
samenleving.
**5..** In spoedeisende gevallen, daaronder begrepen de gevallen waarin
terstond opvang of beschermd wonen nodig is, al dan niet in verband
met risico's voor de veiligheid als gevolg van huiselijk geweld
beslist het college na een melding als bedoeld in artikel 2 van deze
verordening onverwijld tot verstrekking van een tijdelijke
maatwerkvoorziening voor opvang of beschermd wonen in afwachting van
de uitkomst van het onderzoek, zoals bedoeld in artikel 2.3.2 van de
wet en de aanvraag van de cliënt.
HOOFDSTUK 3:
Artikel 8 a
Aanvullende criteria voor opvang en beschermd wonen
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Nunspeet 2015