Naar hoofdinhoud

Artikel 4.

Het opdragen van een tegenprestatie

Onderdeel van Verordening tegenprestatie Participatiewet gemeente Nunspeet 2015

1.. Het college kan iedere belanghebbende op wie de verplichting rust van artikel 9, lid 1 sub c Participatiewet, artikel 37, lid 1f van de IOAW en artikel 37, lid 1f van de IOAZ een tegenprestatie opdragen. 2.. Bij het opdragen van de tegenprestatie houdt het college rekening met de persoonlijke situatie, individuele omstandigheden en capaciteiten van de belanghebbende. 3.. Er wordt geen tegenprestatie opgelegd als een belanghebbende activiteiten met betrekking tot de inschakeling in de arbeid of nuttige maatschappelijke activiteiten verricht en deze activiteiten de capaciteiten en het vermogen van belanghebbende te boven gaan of een vergelijkbare omvang hebben als bedoeld in artikel 5. Hieronder wordt verstaan: betaalde arbeid; re-integratieactiviteiten; vrijwilligerswerk; mantelzorg.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel