De belasting wordt geheven naar de waarde in het economische verkeer. In de toelichting op de Wet materiële belastingbepalingen Gemeentewet is deze mogelijkheid expliciet toegestaan voor de rioolrechten (Kamerstukken II 1989/90, 21591, nr. 3, pag. 66). In een later stadium is dit ook op Kamervragen geantwoord (Kamerstukken II 2005/06, Aanhangsel, nr. 1172).
In het tweede en derde lid is vastgelegd dat voor het vaststellen van de waarde in het economische verkeer de bepalingen van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) van toepassing zijn. Voor die percelen waar een WOZ-beschikking is vastgesteld kan die waarde worden genomen. Indien geen WOZ-beschikking is genomen dient de waarde te worden vastgesteld aan de hand van de criteria in de Wet WOZ.
Artikel 5
Maatstaf van heffing
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van de rioolheffing