Lid 1. Het college zorgt voor schriftelijke verslaglegging van het gesprek.
Lid 2. Binnen 10 werkdagen na het gesprek verstrekt het college aan de cliënt een verslag van de uitkomsten van het gesprek.
Lid 3. De cliënt tekent het verslag voor gezien of akkoord en zorgt ervoor dat het getekend exemplaar wordt geretourneerd aan de contactpersoon waarmee hij het gesprek heeft gevoerd.
Lid 4. Als de cliënt tekent voor gezien, kan hij daarbij tevens aangeven wat de reden is waarom hij niet akkoord is.
Lid 5. Als de cliënt van mening is dat hij in aanmerking komt voor een maatwerkvoorziening, kan hij dit aangeven op het door hem ondertekende verslag.
Lid 6. Indien lid 4 en/of 5 van toepassing is, volgt er een tweede gesprek met de burger.