Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4:

Artikel 2.

Vormen van jeugdhulp

Onderdeel van Verordening jeugdhulp gemeente Dronten 2015

Dit artikel geeft een nadere uitwerking van de verplichte delegatiebepaling van artikel 2.9, onder a, van de wet, waarin is bepaald dat de gemeente bij verordening regels stelt over de door het college te verlenen individuele voorzieningen en overige (jeugdhulp)voorzieningen. Uit de memorie van toelichting op de wet (Kamerstukken II 2012/13, 33 684, nr. 3) komt naar voren dat de burger recht heeft op een duidelijk beeld van het aanbod van voorzieningen binnen de gemeente. Het begrip 'voorziening' is een lastig te vatten begrip. De wetgever waagt zich dan ook niet aan een definitie, maar geeft wel in de memorie van toelichting aan dat de door de gemeente te treffen voorziening zowel een algemene, vrij toegankelijke voorziening kan zijn als een individuele voorziening. Een individuele voorziening zal vaak betrekking hebben op meer gespecialiseerde zorg. De gemeente bepaalt zelf welke hulp vrij toegankelijk is en welke niet. Voor de niet vrij toegankelijke vormen van ondersteuning zal eerst beoordeeld moeten worden of de jeugdige of zijn ouders deze ondersteuning daadwerkelijk nodig hebben. Artikel 2 van deze verordening biedt een zo compleet mogelijk overzicht van het palet aan overige (preventieve) en individuele voorzieningen dat het college ter beschikking staat. Omdat het aanbod van overige (preventieve) en individuele voorzieningen zich in de praktijk zal moeten ontwikkelen, biedt lid 3 het college de mogelijkheid om desgewenst een nadere regeling vast te stellen over welke overige (preventieve) en individuele voorzieningen beschikbaar zijn. Om voor de burgers het aanbod kenbaar te maken zal het college jaarlijks het aanbod dat is ingekocht, bekend maken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel