Burgemeester en wethouders verlenen, voor zover de daartoe bestemde ruimte van de begraafplaats zulks toelaat, op een daartoe bij hen schriftelijk in te dienen aanvraag, voor de tijd van dertig jaar het recht op een familiegraf. De termijn begint te lopen op de datum waarop het familiegraf is uitgegeven.
Het in het eerste lid van dit artikel bedoelde recht kan op verzoek van de rechthebbende, mits gedaan binnen 2 jaren voor het verstrijken van de lopende termijn, verlengd met telkens een termijn van tien jaren.
Begraving of bijzetting van een asbus in een familiegraf waarvan het uitsluitend recht binnen een
grafrusttermijn van 15 jaar afloopt, kan alleen plaats vinden onder gelijktijdige verlenging van het recht met een zodanige periode dat de alsdan resterende grafrustermijn minimaal 15 jaar bedraagt. De periode van verlenging wordt naar boven toe afgerond op gehele jaren.
Binnen een jaar na de aanvang van de termijn waarin verlenging van het recht als bedoeld in het 2e lid van dit artikel, kan worden verzocht doet de beheerder van de begraafplaats aan de rechthebbende wiens adres hem bekend is of redelijkerwijs bekend kan zijn, schriftelijk mededeling van het verstrijken van de termijn.
Blijkt het adres onbekend, dan geschiedt de mededeling door aanplakking daarvan bij het graf en de ingang van de begraafplaats.
Burgemeester en wethouders kunnen het recht op een graf op schriftelijke aanvraag van de rechthebbende overschrijven ten name van de echtgenoot of levenspartner dan wel een bloedverwant of aanverwant tot een met de derde graad. Overschrijving op verzoek van de rechthebbende ten name van een ander dan de vorengenoemde personen is slechts mogelijk, indien daarvoor gewichtige redenen bestaan.
Na het overlijden van de rechthebbende kunnen burgemeester en wethouders het recht op een graf overschrijven op naam van de echtgenoot of levenspartner dan wel een bloedverwant of aanverwant tot een
met de derde graad, mits het verzoek hiertoe schriftelijk wordt gedaan binnen één jaar na het overlijden van rechthebbende. Overschrijving ten name van een ander dan in de vorige zin bedoelde personen is slechts mogelijk, indien daarvoor gewichtige redenen bestaan.
Na het verstrijken van de in het zevende lid genoemde termijn van een jaar kunnen burgemeester en wethouders het recht op een graf alsnog op naam stellen van een nieuwe rechthebbende.
Wanneer omtrent de in lid 7 bedoelde overschrijving bij de erfgenamen geen overeenstemming bestaat, hebben de echtgeno(o)t(e) en vervolgens de kinderen van de overleden rechthebbende - de kinderen naar leeftijd, waarbij de oudere voor de jongere gaat- voorrang.
Verlenging van de grafrust strekt zich nimmer langer uit dan tot het tijdstip waarop de begraafplaats geheel of gedeeltelijk - in het laatste geval voor zover het betreffende graf in dit gedeelte is gelegen - overeenkomstig de Wet op de Lijkbezorging wordt gesloten verklaard.
HOOFDSTUK 5
Artikel 12
- Termijn familiegraven, verlenging en overschrijving verleende rechten
Onderdeel van nr 06.01 Verordening op het beheer en gebruik van de gemeentelijke begraafplaats Rosorum