Het voornemen van de beheerder om een graf te ruimen wordt gedurende tenminste een jaar voorafgaande aan het tijdstip waarop het graf geruimd zal worden op een bij het te ruimen graf te plaatsen bordje ter kennis van de belanghebbende gebracht, tenzij het adres van de rechthebbende op het graf aan hen bekend is. In dat geval stelt hij hem uiterlijk een jaar voorafgaande aan het bedoelde tijdstip per brief van zijn voornemen in kennis.
De bij de ruiming van het graf nog aanwezige overblijfselen van lijken worden begraven en de as wordt verstrooid op een daartoe bestemde, afgesloten gedeelte van de begraafplaats.
Nabestaanden van een overledene die begraven is in een algemeen graf kunnen gedurende de in het eerste lid bedoelde termijn bij de beheerder een aanvraag indienen om bij de ruiming de overblijfselen, indien mogelijk, bijeen te doen brengen voor herbegraving elders.
Nabestaanden van een overledene waarvan een asbus al of niet met een urn is bijgezet in een algemeen graf, kunnen bij de beheerder een aanvraag indienen om deze ter beschikking te houden voor herbegraving of verstrooiing elders.
4.De rechthebbende op een familiegraf kan bij de beheerder een aanvraag indienen om de overblijfselen te doen verzamelen om deze elders opnieuw te doen begraven.
De rechthebbende op een familie-urnengraf of familie-urnennis kan bij de beheerder een aanvraag indienen deze ter beschikking te houden om elders bij te zetten of te doen verstrooien.
HOOFDSTUK 8
Artikel 26
- Ruiming, bezorging van overblijfselen en as
Onderdeel van nr 06.01 Verordening op het beheer en gebruik van de gemeentelijke begraafplaats Rosorum