Indien een standplaatshouder wegens ziekte verhinderd is de hem
toegewezen standplaats in te nemen, dient hij hiervan
burgemeester en wethouders in kennis te stellen.
Bij langdurige afwezigheid van een standplaatshouder wegens
ziekte dient ten bewijze van deze reden van verhindering iedere
drie maanden een geneeskundige verklaring te worden
overgelegd.