Bouwkundige woningaanpassingen, zoals een verbouwing of aanbouw.
Bij verbouwing of aanbouw gelden de volgende elementen die voor vergoeding in aanmerking komen (hetzij bij verstrekking in natura, of bij verstrekking in een pgb):
Het door de gemeente vastgestelde bedrag (hierin begrepen de loon- en materiaalkosten) voor het treffen van de voorziening (vastgesteld op basis van een rekenprogramma zoals genoemd in artikel 11 lid 2 sub d van de verordening). Indien de voorziening door de bewoner(s) zelf wordt getroffen dan vervalt de post loonkosten en komen alleen de materiaalkosten voor vergoeding in aanmerking.
De risicoverrekening van loon- en materiaalkosten, met inachtneming van het bepaalde in de risicoregeling woning- en utiliteitsbouw (RWU 1991).
Een door de gemeente vastgesteld bedrag als architectenhonorarium voor zover het noodzakelijk is dat een architect voor de woningaanpassing wordt ingeschakeld (vastgesteld op basis van een rekenprogramma zoals genoemd in artikel 11 lid 2 sub d van de verordening).
De leges voor de bouwvergunning, voor zover de bouwvergunning betrekking heeft op het treffen van de voorziening.
De verschuldigde en niet verrekenbare of terugvorderbare omzetbelasting.
De door burgemeester en wethouders (schriftelijk) goedgekeurde kostenverhogingen, die ten tijde van de raming van de kosten redelijkerwijs niet voorzien hadden kunnen zijn.
De kosten in verband met noodzakelijk en technisch onderzoek en adviezen met betrekking tot het verrichten van de aanpassing.
De kosten van (her)aansluiting op de openbare nutsvoorziening.