**1..** In afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990
moeten de rechten als bedoeld in de hoofdstukken 1, 2, 3.2, 4, 5, 6 en 7
van de tarieventabel worden betaald binnen dertig dagen na de
dagtekening van de schriftelijke kennisgeving.
**2..** In afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990
moeten de aanslagen als bedoeld in hoofdstuk 3.1 van de tarieventabel
worden betaald in twee gelijke termijnen, waarvan de eerste vervalt op
de laatste dag van de maand, volgend op de maand die in de dagtekening
van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee maanden later.
**3..** In afwijking van het tweede lid geldt:
in het geval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet
verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag
bevat het bedrag daarvan, meer is dan € 25,- en niet meer is dan
€ 2500,-, en zolang de verschuldigde bedragen door middel van
automatische incasso kunnen worden afgeschreven, dat de
aanslagen moeten worden betaald in acht gelijke termijnen. De
eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het
aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand
later.
in het geval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet
verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag
bevat het bedrag daarvan, minder of gelijk is aan € 25,-, en
zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische
incasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten
worden betaald in één termijn. Deze termijn vervalt één maand na
de dagtekening van het aanslagbiljet.
**4..** De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande
leden gestelde termijnen.
Artikel 10.
Termijnen van betaling
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van lijkbezorgingsrechten 2015