Het college draagt in het kader van de bestrijding van het ten
onrechte ontvangen van bijstand, alsmede van misbruik en
oneigenlijk gebruik van de wet, zorg voor handhaving.
In het in het eerste lid genoemde handhaving komt op zijn minst
tot uitdrukking in een visie op handhaving en de aanpak van
fraudepreventie en frauderepressie.