Indien belanghebbende een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid
voor de voorziening in het bestaan, als bedoeld in artikel 18, tweede lid van de wet, heeft betoond, wordt een maatregel van 20% opgelegd gedurende een periode overeenkomstig onderstaande tabel:
onverantwoord besteed/periode eerder of
langer in de uitkering
duur maatregel
tot € 1.500,-- / 0-2 maanden
1 maand
van € 1.500,-- tot € 5.000,-- / 2-4 maanden
3 maanden
van € 5.000,-- tot € 10.000,-- / 4-8 maanden
6 maanden
van € 10.000,-- tot € 20.000,-- / 8-16 maanden
9 maanden
van € 20.000,-- tot € 40.000,-- / 16-32 maanden
12 maanden
vanaf € 40.000,-- / vanaf 32 maanden
18 maanden
Onder tekortschietend besef wordt in ieder geval begrepen op onverantwoorde wijze besteden van vermogen, waarbij inbegrepen het doen van een schenking of het geen aanspraak maken op of het niet te gelde maken van voorliggende voorzieningen, voorafgaand aan of tijdens de bijstandsverlening.
Hoofdstuk 3
Artikel 16
Tekortschietend besef van verantwoordelijkheid
Onderdeel van 3e wijziging verordening Participatiewet 2015