**1..** Het is verboden de weg of een weggedeelte anders te gebruiken dan
overeenkomstig de publieke functie daarvan, als:
het gebruik schade toebrengt of kan toebrengen aan de weg,
de bruikbaarheid van de weg belemmert voor een doelmatig en
veilig gebruik daarvan, dan wel een belemmering kan vormen
voor het doelmatig beheer en onderhoud van de weg;
het beoogde gebruik hetzij op zichzelf, hetzij in verband
met de omgeving niet voldoet aan redelijke eisen van
welstand.
**2..** Het bevoegd bestuursorgaan kan in het belang van de openbare orde of
de woon- en leefomgeving nadere regels stellen ten aanzien van
terrassen, uitstallingen en reclameborden.
**3..** Het bevoegd bestuursorgaan kan ontheffing verlenen van het in het
eerste lid gestelde verbod.
**4..** Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het in
het eerste lid bedoelde gebruik, voor zover dit een activiteit als
bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder j. of onder k. van de Wet
algemene bepalingen omgevingsrecht.
**5..** Het verbod in het eerste lid van het vorige artikel geldt niet
voor:
evenementen als bedoeld in artikel 2:24;
standplaatsen als bedoeld in artikel 5:17.
**6..** Het verbod in het eerste lid van dit artikel geldt niet voor zover
in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de Wet beheer
rijkswaterstaatwerken, artikel 5 van de Wegenverkeerswet , of het
Provinciaal wegenreglement. .
**7..** Op de ontheffing bedoeld in het vierde lid is paragraaf 4.1.3.3 van
de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij
niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2:10
Het plaatsen van voorwerpen op of aan de weg in strijd met de publieke functie ervan
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening 2015