Naar hoofdinhoud
De vergunning voor het innemen van een vaste plaats wordt ingetrokken: op schriftelijk verzoek van de vergunninghouder; bij overlijden van de vergunninghouder, tenzij op grond van artikel 2.10 de vergunning wordt overschreven. Het college kan een vergunning intrekken: indien ter verkrijging daarvan onjuiste dan wel onvolledige gegevens zijn verstrekt; indien de vergunninghouder niet meer voldoet aan de in artikel 2.3 genoemde vereisten voor het toewijzen van een vaste plaats. Indien degene op wie een vergunning ingevolge artikel 2.10 is overgeschreven reeds vergunning heeft voor een andere vaste plaats op dezelfde markt, wordt deze vergunning ingetrokken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel