De vergunninghouder van een vaste plaats die wegens ziekte, vakantie of bijzondere omstandigheden tijdelijk verhinderd is zijn vaste standplaats in te nemen, deelt dit schriftelijk mede aan het college. Bij vakantie geeft de vergunninghouder aan hoe lang zijn afwezigheid duurt.
De schriftelijke mededeling wordt tijdig voor de betreffende marktdag gedaan. Plotselinge verhindering wordt mondeling of telefonisch aan de marktmeester gemeld, gevolgd door een schriftelijke bevestiging aan het college.
Bij langdurige afwezigheid wegens ziekte overlegt de vergunninghouder als bewijs van ziekte iedere drie maanden een geneeskundige verklaring aan het college, tenzij het college hiervan ontheffing heeft verleend.
Hoofdstuk
Artikel 3.3