Hoofdstuk 3 (artikel 10 t/m 18) van deze regeling is zo veel mogelijk van overeenkomstige toepassing op de algemeen directeur.
De personeelsbeoordeling voor de algemeen directeur wordt door de portefeuillehouder P&O opgemaakt en besproken met de algemeen directeur.
Definitieve vaststelling van de personeelsbeoordeling van de algemeen directeur vindt plaats door het college van burgemeester en wethouders.