**1..** Een verlaging wegens tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan als bedoeld in artikel 18, tweede lid, van de Participatiewet wordt afgestemd op het benadelingsbedrag.
**2..** De verlaging wordt vastgesteld op:
10 procent van de bijstandsnorm gedurende één maand bij een benadelingsbedrag tot € 1000;
30 procent van de bijstandsnorm gedurende één maand bij een benadelingsbedrag vanaf € 1000 tot € 2.500;
40 procent van de bijstandsnorm gedurende twee maanden bij een benadelingsbedrag vanaf € 2.500 tot € 5.000;
50 procent van de bijstandsnorm gedurende drie maanden bij een benadelingsbedrag van € 5.000 of hoger.
** 3. .** In geval van toepassing van lid 2 sub d, kan bijstand in de vorm van een geldlening door het college worden verstrekt, conform art. 48 lid 2 sub b Participatiewet.
Hoofdstuk 4.
Artikel 12.
Tekortschietend besef van verantwoordelijkheid
Onderdeel van Verordening afstemming tussen Participatiewet, IOAW en IOAZ De Ronde Venen 2015