**1..** De reclameheffing wordt geheven per onroerende zaak.
**2..** De heffingsmaatstaf is een vast bedrag vermeerderd met een bedrag dat afhankelijk is van de op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken voor de onroerende zaak vastgestelde waarde voor de gebruikersaanslag niet-woningen voor het kalenderjaar.
**3..** Indien met betrekking tot een onroerende zaak geen waarde is vastgesteld op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken wordt de heffingsmaatstaf van die onroerende zaak bepaald met overeenkomstige toepassing van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 17, 18 en 20, tweede lid, van de Wet waardering onroerende zaken.
**4..** Het vaste bedrag van de reclameheffing bedraagt € 250,-.
**5..** Het in het vorige lid genoemde bedrag wordt vermeerderd met een bedrag van €1,32 per € 1.000,- aan WOZ-waarde, zodra de heffingsmaatstaf een bedrag van € 189.393,93 aan WOZ-waarde overstijgt.
**6..** De heffing bedraagt maximaal € 650,-.
**7..** Indien de vastgestelde WOZ-waarde voor het betreffende jaar naar beneden wordt bijgesteld, wordt de aanslag ambtshalve verminderd indien de lagere WOZ-waarde leidt tot een lager belastingbedrag voor de reclameheffing.
Artikel 5
Maatstaf van heffing en belastingtarief
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van een reclameheffing 2015