1.Het college betrekt ingezetenen van de gemeente, waaronder in ieder geval
cliënten of hun vertegenwoordigers, bij de voorbereiding van het beleid betreffende
maatschappelijke ondersteuning, overeenkomstig de krachtens artikel 150 van de Gemeentewet
gestelde regels met betrekking tot de wijze waarop inspraak wordt verleend.
2.Het college stelt ingezetenen vroegtijdig in de gelegenheid voorstellen
voor het beleid betreffende maatschappelijke ondersteuning te doen, advies uit te brengen bij de
besluitvorming over verordeningen en beleidsvoorstellen betreffende maatschappelijke
ondersteuning, en voorziet hen van ondersteuning om hun rol effectief te kunnen vervullen.
3.Het college zorgt ervoor dat ingezetenen kunnen deelnemen aan periodiek
overleg, waarbij zij onderwerpen voor de agenda kunnen aanmelden, en dat zij worden voorzien van
de voor een adequate deelname aan het overleg benodigde informatie en
ondersteuning.
4.Het college stelt nadere regels vast ter uitvoering van het tweede en
derde lid.
Artikel 21.
Betrekken van ingezetenen bij het beleid
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning Moerdijk