Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder:
kampeermiddel: tent, tentwagen, kampeerauto, caravan dan
wel enig ander onderkomen of ander voertuig of gewezen
voertuig of een gedeelte daarvan, voor zover geen
bouwwerk zijnde waarvoor een omgevingsvergunning voor
een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste
lid, onderdeel a, Wet algemene bepalingen omgevingsrecht
is vereist; een en ander voor zover deze onderkomens of
voertuigen geheel of ten dele blijvend zijn bestemd of
opgericht dan wel worden of kunnen worden gebruikt voor
recreatief nachtverblijf.
kampeerterrein: terrein of plaats, geheel of
gedeeltelijk ingericht, en volgens die inrichting
bestemd, om daarop gelegenheid te geven tot het plaatsen
of geplaatst houden van kampeermiddelen merendeels /
hoofdzakelijk / geheel of nagenoeg geheel ten behoeve
van recreatief nachtverblijf.
vaste standplaats: een terrein of terreingedeelte dat
deel uitmaakt van een kampeerterrein en dat ter
beschikking wordt gesteld voor de plaatsing van
eenzelfde kampeermiddel gedurende een seizoen of een
jaar.
volgtijdige standplaats: een terrein of terreingedeelte
dat deel uitmaakt van een kampeerterrein en dat ter
beschikking wordt gesteld voor de volgtijdige plaatsing
van verschillende kampeermiddelen.
woning: een huis, een naar aard en inrichting
vergelijkbare ander onderkomen of een deel van een huis
of een vergelijkbaar onderkomen.
particulier: een natuurlijk persoon die buiten de
uitoefening van een bedrijf of beroep gelegenheid biedt
tot verblijf.
particulier verhuurde woning: een woning die door een
particulier ter beschikking wordt gesteld voor het
houden van verblijf met overnachting tegen een
vergoeding in welke vorm dan ook.
strandhuisjes: bouwwerken op het Noordzeestrand, niet
zijnde een commercieel geëxploiteerde ruimte, in
hoofdzaak bestemd voor en gebezigd als verblijf voor
vakantie- en andere recreatieve doeleinden.
Voor particulier verhuurde woningen, voor kampeermiddelen op
vaste standplaatsen en voor strandhuisjes kan het aantal
overnachtingen bedoeld in artikel 5 op een bij de aangifte
gedaan verzoek van de belastingplichtige forfaitair worden
vastgesteld.
Bij de forfaitaire berekening voor particulier verhuurde
woningen wordt per woning:
het aantal overnachtende personen gesteld op 2 per
woning indien het aantal aanwezige slaapplaatsen 3 of
minder bedraagt en 3 per woning indien het aantal
slaapplaatsen 4 bedraagt;
het aantal nachten gesteld op 90.
Bij de forfaitaire berekening voor strandhuisjes wordt per
strandhuisje:
het aantal overnachtende personen gesteld op 2,74 per
strandhuisje;
het aantal nachten gesteld op 60.
Bij de forfaitaire berekening voor kampeermiddelen op vaste
standplaatsen wordt per standplaats:
het aantal overnachtende personen gesteld op 2,36
personen;
het aantal nachten gesteld op 91,75.
Hoofdstuk
Artikel 6
Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing
Onderdeel van Verordening toeristenbelasting 2015