1. Het college stelt vast of een persoon behoort tot de doelgroep
loonkostensubsidie op grond van artikel 6, lid 2 Participatiewet.
2. Hierbij neemt het college de volgende criteria in acht:
a. een persoon moet behoren tot de doelgroep zoals omschreven in artikel
7, eerste lid,
onderdeel a, van de Participatiewet;
b. die persoon is niet in staat met voltijdse arbeid het wettelijk
minimumloon te
verdienen, en
c. die persoon heeft mogelijkheden tot arbeidsparticipatie.
3. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) kan het
college adviseren met betrekking tot het oordeel of een persoon behoort
tot de doelgroep loonkostensubsidie. Het UWV neemt daarbij de in het
tweede lid neergelegde criteria in acht.
4. Het college gebruikt de in de bijlage bij dit artikel omschreven
wijze om de loonwaarde van een persoon vast te stellen.
5. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) adviseert het
college met betrekking tot de vaststelling van de loonwaarde van een
persoon. Het UWV neemt daarbij de in de bijlage bij dit artikel
omschreven methode in acht.
Hoofdstuk 3.
Artikel 10b
Loonkostensubsidie
Onderdeel van Re-integratieverordening Participatiewet gemeente Kapelle 2015