**1..** De cliënt komt niet in aanmerking voor langdurige ambulante begeleiding voor zover tot de leefeenheid van de cliënt één of meer personen behoren die naar oordeel van het college gebruikelijke hulp kunnen verlenen.
**2..** Bij het oordeel van het college of gebruikelijke hulp kan worden gevergd, wordt in ieder geval rekening gehouden met:
de aard, de omvang en de duur van de ondersteuningsbehoefte van de cliënt;
de aard van de relatie van de persoon binnen de leefeenheid met de cliënt;
de leeftijd en ontwikkelingsfase van inwonende kinderen. Kinderen tot 18 jaar worden uitgesloten van gebruikelijke hulp;
de leerbaarheid van de cliënt en/of de personen van wie gebruikelijke hulp kan worden gevergd.
**3..** De cliënt kan in aanmerking komen voor langdurige ambulante begeleiding indien dat bijdraagt aan het behouden of mogelijk verbeteren van diens zelfredzaamheid en participatie. Daaronder kan bijvoorbeeld worden verstaan ondersteuning:
bij het opbouwen en ondersteunen van een sociaal netwerk;
bij de thuisadministratie;
bij participatie (plannen van dagelijkse activiteiten);
bij zelfzorg;
begeleiden bij een gestructureerd huishouden;
van de mantelzorger.
**4..** De langdurige ambulante begeleiding als bedoeld in artikel 6.3 derde lid van deze verordening wordt slechts verleend indien de te bereiken resultaten zijn gericht op:
het zo lang mogelijk zelfstandig in de eigen leefomgeving kunnen blijven wonen; en/of
het in aanvaardbare mate kunnen meedoen in de maatschappij.
**5..** De langdurige ambulante begeleiding als bedoeld in artikel 6.3 derde lid onder e van deze verordening wordt slechts verleend indien de te bereiken resultaten zijn gericht op (het aanleren van) het zelfstandig uitvoeren van belangrijke huishoudelijke taken zodat de cliënt in staat wordt gesteld een gestructureerd huishouden te voeren.
HOOFDSTUK 6—
Artikel 6.3
Specifieke criteria langdurige ambulante begeleiding
Onderdeel van WMO-verordening Zoetermeer 2015