Naar hoofdinhoud

Artikel 6.

Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing

Onderdeel van Verordening toeristenbelasting 2016

1.Het aantal personen dat heeft overnacht, wordt met betrekking tot: mobiele kampeeronderkomens, vakantieonderkomens en stacaravans op vaste jaarplaatsen, vaste seizoenplaatsen of seizoenplaatsen op 2,35; mobiele kampeeronderkomens op toeristische plaatsen bepaald op: 1o 2,4, indien sprake is van een voorseizoenarrangement; 2o 2,4, indien sprake is van een verlengd voorseizoenarrangement; 3o 2,2, indien sprake is van een naseizoenarrangement; 4o 2,1, indien sprake is van een maandarrangement; 5o 2,1, indien sprake is van een winterarrangement. 2.Het aantal malen dat door de in het eerste lid bedoelde personen is overnacht, wordt: in geval van het eerste lid, sub a, bepaald op: 52; in geval van het eerste lid, sub d, bepaald op: 1o 29, indien sprake is van een voorseizoenarrangement; 2o 39, indien sprake is van een verlengd voorseizoenarrangement; 3o 14, indien sprake is van een naseizoenarrangement; 4o 12, indien sprake is van een maandarrangement; 4o 16, indien sprake is van een winterarrangement. 3.In afwijking van de eerste twee leden wordt het forfait niet toegepast op verblijf in verhuureenheden, vakantie onderkomens en mobiele kampeeronderkomens, die niet door dezelfde persoon of personen worden gehuurd voor de gehele jaar-, seizoens- of arrangementenperiode, doch steeds worden gehuurd door wisselende verblijfhoudenden voor een korte periode.

Rechtspraak bij dit artikel