De inkomsten uit commerciële verhuur, zoals bedoeld in artikel 33 lid 4 van de wet, worden op de uitkering in mindering gebracht onder aftrek van € 60,00 per maand.
Ten aanzien van lid 1 moet aan navolgende voorwaarden worden voldaan:
De afspraken over de verhuur van de woning moeten op papier staan, in een huurovereenkomst; én
Belanghebbende toont het bij lid a genoemde aan door navolgende gegevens in te leveren:
een huurovereenkomst; én
bankafschriften waaruit duidelijk blijkt dat de gevraagde prijs werkelijk wordt betaald; én
aangifte inkomstenbelasting (alleen als belanghebbende deze inkomsten moet opgeven aan de Belastingdienst).
c.In de onder b. genoemde huurovereenkomst staat tenminste:
wie de huurder is;
wie de verhuurder is;
de huurprijs (all-in of uitgesplitst in kale huur en servicekosten);
het adres en een omschrijving van het gehuurde;
de datum van ingang van het huurcontract;
het tijdstip en de wijze van betaling;
de datum waarop jaarlijks de huur wordt verhoogd;
de handtekening van de huurder en de verhuurder.
Het bedrag genoemd in lid 1, wordt jaarlijks opnieuw berekend. De grondslag van de berekening vloeit voort uit hoofdstuk 4.9 van de Recofa-richtlijnen Vrij Te Laten Bedrag (VTLB) met een afronding van € 5,00 naar boven.
SLOTBEPALINGEN
Artikel 4
Inkomsten uit commerciële verhuur
Onderdeel van Beleidsregel 'Verlagen bijstand in verband met de woonsituatie en inkomsten uit commerciële verhuur Participatiewet