Naar hoofdinhoud
Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening verrekening bestuurlijke boete bij recidive 2015. Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van Valkenburg aan de Geul van 15 december 2014 De griffier, De voorzitter, Algemene toelichting Per 1 januari 2013 is de Wet aanscherping handhaving- en sanctiebeleid SZW-wetgeving in werking getreden. Op basis van deze wet is het college verplicht om een boete op te leggen indien sprake is van schending van de inlichtingenplicht. Die verplichting blijft ook gelden binnen de nieuwe Participatiewet die per 1 januari 2015 ingaat. De hoogte van de boete is in beginsel gelijk aan het bedrag dat belanghebbende te veel aan bijstand heeft ontvangen. Is sprake van het bij herhaling schenden van de inlichtingenplicht (recidive) dan wordt deze boete in beginsel verhoogd tot 150% van het te veel ontvangen bedrag. Naast deze verhoging krijgt het college daarbij ook de bevoegdheid om in de eerste drie maanden na oplegging van de boete de bijstand volledig te verrekenen met de openstaande boetevordering. In eerste instantie had de wetgever voorzien in een plicht tot volledige verrekening van de boetevordering. Bij amendement is deze verplichting echter omgezet in een bevoegdheid, zodat de gemeente de mogelijkheid heeft om daar waar volledige verrekening onwenselijke effecten heeft (denk b.v. aan hogere maatschappelijke kosten vanwege uithuisplaatsing) de verrekening aan te passen, dan wel bij de verrekening de beslagvrije voet volledig te respecteren. Net als onder de Wet werk en bijstand wordt in de Participatiewet de gemeenteraad verplicht in dit kader bij verordening nadere regels te stellen met betrekking tot het gebruik van deze bevoegdheid. Onder de Wet werk en bijstand is ervoor gekozen die nadere regels op te nemen in de bestaande Afstemmingsverordening Wet werk en bijstand 2013. Vanwege de overzichtelijkheid en in aansluiting op de aparte verordeningen van het samenwerkingsverband Pentasz en de gemeente Valkenburg worden de nadere regels rondom verrekening bestuurlijke boete bij recidive nu ook voor Maastricht in een aparte verordening gegoten. Opgemerkt zij nog dat de verordening enkel de verrekening regelt van bijstandsafhankelijken die te maken krijgen met een door het college zelf opgelegde recidiveboete. Is de recidiveboete opgelegd op het moment dat belanghebbende elders bijstand ontvangt, dan kan het boete opleggende college het bijstandsverstrekkende college verzoeken om conform de regels van het boete opleggende college tot verrekening over te gaan. Mocht belanghebbende tussentijds het bijstandsverstrekkende college verzoeken de beslagvrije voet alsnog te respecteren, dan is dit college bij de verrekening daaraan gehouden. Artikelsgewijze toelichting separate verordening

Rechtspraak bij dit artikel