**1..** Het college ziet af van een verlaging als:
elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt, of
de gedraging meer dan één jaar voor constatering daarvan door het college
heeft plaatsgevonden.
**2..** Het college kan afzien van een verlaging als het daarvoor dringende redenen
aanwezig acht.
**3..** Als het college afziet van een verlaging op grond van dringende redenen, wordt een
belanghebbende hiervan schriftelijk op de hoogte gesteld.
Hoofdstuk 1.
Artikel 4.
Afzien van verlaging
Onderdeel van Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ Olst-Wijhe