Naar hoofdinhoud

Artikel 3.16

Tegenprestatie

Onderdeel van Verordening participatiewet Waalre

1.. Het college kan onbeloonde maatschappelijk nuttige werkzaamheden, die additioneel van aard zijn, inzetten als tegenprestatie. 2.. Het college stelt, nadat de raad hierover is gehoord, bij nadere regeling vast: onder welke omstandigheden een tegenprestatie wordt opgelegd en de voorwaarden die daarbij gelden; de duur en de omvang van de tegenprestatie. 3.. Bij het bepalen van de aard, de duur en de omvang van de tegenprestatie houdt het college rekening met de individuele omstandigheden van de uitkeringsgerechtigde. 4.. Het college draagt geen tegenprestatie op indien de uitkeringsgerechtigde mantelzorg verricht, voor zover het verrichten van mantelzorg redelijkerwijs noodzakelijk is. Paragraaf 3.4 Handhaving

Rechtspraak bij dit artikel