Vorderingen worden ieder kwartaal beoordeeld op inbaarheid.
Hierbij wordt een onderscheid gemaakt tussen dubieuze en
oninbare vorderingen. Dubieuze vorderingen worden aan het einde
van het jaar verwerkt in een voorziening. De verwerking van
oninbare vorderingen vindt gedurende het jaar plaats.
Titel 2 › Afdeling
Artikel 11
Waardering debiteuren en overige vorderingen
Onderdeel van Financiële beheersverordening