Naar hoofdinhoud

Artikel 12

Werkwijze, advisering

Onderdeel van Verordening Programmaraad Utrecht Oost

1.. Verzoeken tot advisering van de exploitant worden ingediend bij de secretaris van de programmaraad. De secretaris draagt in overleg met de voorzitter zorg voor het eventueel inwinnen van nadere informatie ter behandeling van het verzoek in de vergadering van de programmaraad. 2.. De voorzitter is bevoegd uit eigen beweging of op verzoek van een of meer leden van de programmaraad bij deskundigen advies of inlichtingen in te winnen en deze personen zo nodig uit te nodigen om in de vergadering van de programmaraad te verschijnen. 3.. De adviezen van de programmaraad aan de exploitant worden gemotiveerd en schriftelijk gegeven en bevatten alleen het standpunt van de meerderheid, tenzij de minderheid verlangt dat ook haar standpunt wordt vermeld. Een afschrift van het advies wordt ter kennisneming toegezonden aan de gemeenten behorende bij het verzorgingsgebied en die het verzoek tot advisering heeft ingediend indien dit niet de exploitant is. 4.. Indien de exploitant voornemens is om van een advies van de programmaraad af te wijken, stelt de programmaraad hem in de gelegenheid dit mondeling toe te lichten. 5. De programmaraad nodigt tenminste 1 x per jaar de ambtelijke vertegenwoordigers van de deelnemende gemeenten uit voor een overleg over de voortgang. Indien het noodzakelijk wordt geacht kan voor dit overleg ook de exploitant worden uitgenodigd. 6.. De programmaraad bepaalt voorts zelf zijn werkwijze voor zover daarin door deze verordening niet is voorzien.

Rechtspraak bij dit artikel