Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 3

Gedragingen niet zijnde gedragingen als bedoeld in artikel 18, lid 4 van de wet

Onderdeel van Afstemmings- en fraudeverordening Participatiewet en IOAW gemeente Tytsjerksteradiel 2015

Gedragingen van een belanghebbende waardoor één of meer van de verplichtingen op grond van artikel 9 van de wet en artikel 9a van de wet, respectievelijk artikel 37 IOAW en artikel 38 IOAW niet of onvoldoende worden nagekomen, worden onderscheiden in de volgende categorieën: Eerste categorie: het zich niet tijdig laten registreren als werkzoekende bij UWV Werkbedrijf of het niet tijdig laten verlengen van deze registratie; het niet of onvoldoende verrichten van een door het college opgedragen tegenprestatie naar vermogen zoals bedoeld in artikel 9, lid 1, sub c van de wet of artikel 37, lid 1, sub f IOAW. Tweede categorie: het niet meewerken aan het opstellen, uitvoeren en evalueren van een plan van aanpak zoals bedoeld in artikel 44a van de wet, indien van toepassing; het onvoldoende nakomen van de verplichtingen zoals bedoeld in artikel 9, lid 1 van de wet, voorzover het gaat om een persoon jonger dan 27 jaar, gedurende 4 weken na de melding zoals bedoeld in artikel 43, lid 4 en 5 van de wet. Derde categorie: het niet naar vermogen trachten algemeen geaccepteerde arbeid te verkrijgen; het uit houding en gedrag ondubbelzinnig laten blijken de verplichtingen zoals bedoeld in artikel 9, lid 1, sub b van de wet, respectievelijk artikel 37, lid 1, sub e IOAW niet te willen nakomen, wat heeft geleid tot het intrekken van de ontheffing van de arbeidsplicht voor een alleenstaande ouder zoals bedoeld in artikel 9a, lid 1 van de wet, respectievelijk artikel 38, lid 1 IOAW; het niet of onvoldoende gebruik maken van een door het college aangeboden voorziening als bedoeld in artikel 36, lid 1 IOAW en artikel 37, lid 1, sub e IOAW.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel