**1..** Het is verboden een horecabedrijf te exploiteren zonder vergunning van de burgemeester.
**2..** De burgemeester weigert de vergunning, indien de vestiging of de exploitatie van het horecabedrijf in strijd is met het geldende bestemmingsplan.
**3..** De burgemeester kan de vergunning geheel of gedeeltelijk weigeren:
indien naar zijn oordeel moet worden aangenomen dat de woon- en leefsituatie in de omgeving van het horecabedrijf en/of de openbare orde op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed door de aanwezigheid van het horecabedrijf;
de inrichting niet voldoet aan de eisen van de Woningwet i.c. het Bouwbesluit.;
**4..** Bij toepassing van de in het vorige lid genoemde weigeringsgrond onder a houdt de burgemeester voor inrichtingen buiten de diepenring rekening met het karakter van de straat en de wijk, waarin het horecabedrijf is gelegen of zal zijn gelegen, de aard van het horecabedrijf en de spanning waaraan het woonmilieu ter plaatse reeds blootstaat of bloot zal komen te staan door de exploitatie van het horecabedrijf.
**5..** De burgemeester houdt de beslissing op een aanvraag voor een vergunning aan indien voor het horecabedrijf een veiligheidsplan ingevolge artikel 2:30 is vereist en een dergelijk plan nog niet is goedgekeurd.
**6..** In een vergunning worden vermeld:
straat en huisnummer van het horecabedrijf;
de personalia van de vergunninghouder;
indien de inrichting zich bevindt binnen de diepenring, de horecazone waarbinnen de inrichting gelegen is;
**7..** De burgemeester verleent op verzoek of ambtshalve vrijstelling van het verbod genoemd in het eerste lid aan:
horecabedrijven, niet zijnde horecabedrijven waar de verkoop van softdrugs gedoogd wordt (coffeeshops), indien zich in de zes maanden voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze bepaling in of bij de inrichting geen incidenten hebben voorgedaan gepaard gaande met geweld, overlast op straat of drugsgebruik en – handel;
horecabedrijven die zich nieuw in de gemeente vestigen en er zich geen weigeringsgronden voordoen als bedoeld in artikel 1:10 of het tweede en derde lid van dit artikel.
**8..** De vrijstelling wordt ingetrokken wanneer zich een incident heeft voorgedaan als bedoeld in lid 7.
**9..** De burgemeester weigert de vergunning als bedoeld in het eerste lid indien de aanvrager, respectievelijk de natuurlijke persoon die optreedt als uitvoerend directeur van de rechtspersoon, niet voldoet aan de eisen van zedelijk gedrag als bedoeld in het Besluit eisen zedelijk gedrag Drank- en Horecawet of in enig opzicht van slecht levensgedrag is
**10..** De vergunninghouder is te allen tijde verantwoordelijk voor de exploitatie van het bedrijf.
**11..** Exploitatie van een semihoreca(bedrijf) is toegestaan indien wordt voldaan aan door het college op te stellen nadere regels.
HOOFDSTUK 1 › Afdeling 8
Artikel 2:27
Exploitatie horecabedrijf
Onderdeel van ALGEMENE PLAATSELIJKE VERORDENING GRONINGEN 2009 OF APVG 2009