** 1. .** In deze paragraaf wordt verstaan onder:
Woonruimte: onzelfstandige woonruimte als bedoeld in artikel 21, onder c, van de Huisvestingswet en artikel 1, onder e, van de Huisvestingsverordening Groningen 2015, voor zover aanwezig in een woning waarin minimaal drie bewoners in minimaal drie onzelfstandige woonruimten verblijven, of woonruimte bestemd voor verhuur aan personen die zijn ingeschreven aan een instelling als bedoeld in artikel 1.1.1, onderdeel b, van de Wet educatie en beroepsonderwijs of aan een universiteit of hogeschool als bedoeld in artikel 1.2, onderdelen a en b, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, mits in dat gebouw minimaal drie bewoners in minimaal drie woonruimten verblijven.
Kamerbemiddelingsbedrijf: een natuurlijke persoon of een rechtspersoon die bedrijfsmatig, of in een omvang alsof die bedrijfsmatig is, tegen vergoeding bemiddelt bij de totstandkoming van huurovereenkomsten van woonruimte als bedoeld in onderdeel a.
Hoofdstuk › Afdeling 12:
Artikel (y.1)
Begripsbepalingen
Onderdeel van ALGEMENE PLAATSELIJKE VERORDENING GRONINGEN 2009 OF APVG 2009