**1..** Aan raadsleden en commissieleden worden de ten behoeve van de
gemeente gemaakte reis- en verblijfkosten in verband met reizen
buiten het grondgebied van de gemeente ter uitvoering van een
beslissing van het gemeentebestuur vergoed.
**2..** Aan commissieleden, niet zijnde lid van de raad of het college,
worden de reis- en verblijfkosten voor het bijwonen van de
vergaderingen van de commissie vergoed.
**3..** De vergoeding als bedoeld in het eerste en tweede lid is:
voor wat betreft de verblijfkosten gelijk aan het
overeenkomstig in artikel 4, onderdeel c, van de Regeling
rechtspositie wethouders bepaalde;
voor wat betreft de reiskosten gelijk aan het overeenkomstig
in artikel 4, onderdeel a en b, van de Regeling
rechtspositie wethouders bepaalde.
**4..** De reiskosten worden voor ten hoogste één vergadering per dag
vergoed.
**5..** In afwijking van het eerste lid ontvangt geen vergoeding degene die
zitting heeft in een commissie uit hoofde van dan wel als
rechtstreeks uitvloeisel van een functie bij een instelling die
grotendeels van overheidswege wordt gesubsidieerd.
**6..** De reis- en verblijfkosten worden alleen vergoed als deze
gedeclareerd worden overeenkomstig de bepalingen in deze
verordening.
Hoofdstuk II
Artikel 3
Reis- en verblijfkosten
Onderdeel van verordenlng rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden Huizen 2014