Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk VII

Artikel 25

Ruiming, bezorging van overblijfselen en as

Onderdeel van Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen Utrechtse Heuvelrug 2015

1.. Het voornemen van het college om een graf te ruimen wordt gedurende ten minste een jaar voorafgaande aan het tijdstip waarop het graf geruimd zal worden door middel van een bekendmaking bij het graf en bij de hoofdingang van de begraafplaats ter kennis van de belanghebbenden gebracht, tenzij het adres van de rechthebbende of belanghebbende op het graf aan het college bekend is. In dat geval stelt het college hem schriftelijk van het voornemen tot ruiming in kennis. 2.. De beheerder draagt er zorg voor dat de met de bij de ruiming van het graf nog aanwezige menselijke resten te allen tijde respectvol wordt omgegaan en dat bezoekers van de begraafplaats niet met menselijke resten worden geconfronteerd. 3.. De bij de ruiming van het graf nog aanwezige overblijfselen van lijken worden op de begraafplaats ter aarde besteld en de as wordt verstrooid op een van de daartoe bestemde gedeelten van de begraafplaats. 4.. Nabestaanden van een overledene die begraven is in een algemeen graf kunnen gedurende de in het eerste lid bedoelde termijn bij de beheerder een aanvraag indienen om bij ruiming de overblijfselen, indien mogelijk, bijeen te doen brengen voor crematie of voor herbegraving elders. 5.. De rechthebbende op een particulier graf kan bij de beheerder een aanvraag indienen om de menselijke resten te doen verzamelen om deze opnieuw in dezelfde grafruimte te doen plaatsen dan wel om deze te cremeren of elders opnieuw te doen begraven. De rechthebbende op een particulier urnengraf of particuliere urnennis kan bij de beheerder een aanvraag indienen de asbus ter beschikking te houden om elders bij te zetten of om de as te doen verstrooien.

Rechtspraak bij dit artikel