Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2

Verrekenen zonder inachtneming beslagvrije voet

Onderdeel van Verordening bestuurlijke boete bij recidive Gemeente Almere 2015

Het college kan de recidiveboete met de bijstand verrekenen zonder de beslagvrije voet in acht te nemen. Om te bepalen of de beslagvrije voet buiten werking gesteld dient te worden dient het volgende in acht te worden genomen: de ernst van de gedraging; de mate van verwijtbaarheid van de gedraging; De mate waarin de gedraging aan de belanghebbende kan worden verweten wordt beoordeeld naar de omstandigheden waarin belanghebbende verkeerde op het moment dat hij de inlichtingenverplichting had moeten nakomen; De ernst van de gedraging wordt afhankelijk gesteld van het netto bedrag dat ten onrechte is ontvangen. Hierbij geldt: Bedragen Duur verrekening zonder beslagvrije voet Tot € 5.000 Niet Van - tot € 5.000 - 10.000 1 maaand Vanaf € 10.000 2 - 3 maaanden Bij de beoordeling van de mate waarin de gedraging aan belanghebbende kan worden verweten leiden de volgende criteria tot verminderde verwijtbaarheid: de belanghebbende verkeerde in onvoorziene en ongewenste omstandigheden, die niet tot het normale levenspatroon behoren en die hem weliswaar niet in de feitelijke onmogelijkheid brachten om aan de inlichtingenverplichting te voldoen, maar die emotioneel zo ontwrichtend waren dat hem niet volledig valt toe te rekenen dat de inlichtingen niet tijdig of volledig zijn verstrekt; de belanghebbende verkeerde in een zodanige geestelijke toestand dat hem niet volledig valt toe te rekenen dat de inlichtingen niet tijdig of volledig zijn verstrekt; overige omstandigheden van sociale, psychische of medische aard waardoor de overtreding de belanghebbende niet volledig is aan te rekenen. De verminderde verwijtbaarheid leidt er toe dat de duur van de verrekening zonder beslagvrije voet met 50% wordt verminderd. Indien de verminderde verwijtbaarheid er toe leidt dat er een halve maand dient te worden verrekend wordt uitgegaan van 50% van het netto normbedrag inclusief vakantietoeslag per maand. De verrekening, bedoeld in het eerste lid, geschiedt vanaf het moment van de dagtekening van het besluit waarbij de bestuurlijke boete is opgelegd.

Rechtspraak bij dit artikel