**1..** Met inachtneming van artikel 7.1. kan een cliënt in aanmerking komen
voor een woonvoorziening als hij
**a..** aantoonbare beperkingen heeft bij het normaal gebruik van zijn woning,
en
**b..** het redelijke heeft gedaan om een geschikte woning te bewonen, of
**c..** een op basis van aantoonbare beperkingen aanwezige gedragsstoornis heeft
met ernstig ontremd gedrag tot gevolg, waarbij alleen het zich kunnen
afzonderen kan leiden tot een situatie waarin deze persoon met
beperkingen tot rust kan komen.
**2..** Een cliënt kan alleen voor een woonruimteaanpassing in aanmerking komen
wanneer deze langdurig noodzakelijk is en verhuizing niet mogelijk is of
niet de goedkoopst adequate voorziening is.
**3..** Een woonvoorziening wordt slechts verstrekt als de cliënt zijn
hoofdverblijf heeft of zal hebben in de woonruimte waaraan de
voorziening wordt getroffen, dan wel voor het logeerbaar maken van een
andere woonruimte indien de cliënt met beperkingen zijn hoofdverblijf
heeft in een erkende zorginstelling.
Artikel 7.5
Aanvullende criteria voor woonvoorzieningen
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Zwolle 2015