Aan het lid van een commissie dat geen raadslid of wethouder is
en niet in zijn hoedanigheid van ambtenaar tot lid van de
commissie is benoemd worden de reiskosten voor het bijwonen van
de vergaderingen van de commissie vergoed.
De vergoeding betreft:
bij gebruik van openbare middelen van vervoer: een
volledige vergoeding van de in redelijkheid gemaakte
noodzakelijke reiskosten;
bij gebruik van een eigen vervoermiddel: een vergoeding
van de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke reiskosten
overeenkomstig het bepaalde in artikel 4, onderdeel b,
van de Regeling rechtspositie wethouders;
Onverminderd het bepaalde in het eerste lid worden de in
redelijkheid noodzakelijk gemaakte verblijfskosten ter zake van
reizen binnen en buiten het grondgebied van de gemeente vergoed
overeenkomstig het bepaalde in artikel 4, onderdeel c, van de
Regeling rechtspositie wethouders
Hoofdstuk IV
Artikel 22
Reis- en verblijfkosten
Onderdeel van Verordening rechtspositie wethouders, raads-, commissie- en burgerleden