Naar hoofdinhoud

Artikel 18.

Aanvullende criteria persoonsgebonden budget.

Onderdeel van Besluit Nadere regels Zorg voor Jeugd gemeente Hoorn 2015

1.. Het college kent in aanvulling op artikel 15 een persoonsgebonden budget toe als in het gesprek zoals bedoeld in artikel 5 en op basis van de aanvraag zoals bedoeld in artikel 17 is vastgesteld dat: de ouders, al dan niet met hulp uit hun sociale netwerk dan wel van een curator, bewindvoerder, mentor of gemachtigde, in staat zijn tot een redelijke waardering van hun belangen, en in staat zijn te achten om de aan een persoonsgebonden budget verbonden taken op verantwoorde wijze uit te voeren; voldoende is gemotiveerd dat een individuele voorziening in natura niet passend en toereikend wordt geacht; gewaarborgd is dat de voorziening die met het persoonsgebonden budget betaald wordt, van goede kwaliteit is. Onder goede kwaliteit wordt verstaan het kwaliteitsniveau gelijk aan die van de zorgaanbieders in natura, zoals omschreven in artikel 19; voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die door de jeugdige of zijn ouders zijn aangegeven, na is te gaan of de voorziening noodzakelijk is en als goedkoopste adequate voorziening aan te merken valt; als de jeugdige of zijn ouders de kosten, die uitstijgen boven de kostprijs van de naar het oordeel van het gebiedsteam adequate individuele jeugdhulpvoorziening in natura, zelf wil bekostigen. 2.. Het college kan een persoonsgebonden budget weigeren: indien aan de jeugdige of zijn ouders in de afgelopen drie jaren, voorafgaand aan de datum van het gesprek, een persoonsgebonden budget is verleend en waarbij door de jeugdige of zijn ouders niet is voldaan aan de voorwaarden van het persoonsgebonden budget; als het bieden van een keuze voor het persoonsgebonden budget negatieve gevolgen zou hebben voor het voortbestaan van het systeem van de desbetreffende individuele voorzieningen in natura; voor zover dit is bedoeld voor begeleidings- of administratiekosten in verband met het persoonsgebonden budget. 3.. Het college kent een persoonsgebonden budget voor niet professionele zorg vanuit het sociale netwerk alleen toe: voor de volgende diensten: 1.. het begeleiden van jeugdigen met een somatische, verstandelijke, lichamelijke of zintuigelijke beperking, een chronisch psychisch probleem of psychosociale problemen met als doel het bevorderen van hun deelname aan het maatschappelijk verkeer en van hun zelfstandig functioneren; 2.. het ondersteunen bij of het overnemen van activiteiten op het gebied van de persoonlijke verzorging van jeugdigen; 3.. het ondersteunen van ouders van jeugdigen ter voorkoming van overlastbelasting (respijtzorg); als de dienstverlener voldoet aan de wettelijke kwaliteitscriteria indien en voor zover die van toepassing zijn op de te verlenen zorg of ondersteuning; deze persoon niet heeft aangegeven dat de zorg aan de jeugdige of zijn ouders leidt tot overbelasting.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel