**1..** De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening en de voor accountants geldende beroepsregels de wijze, waarop de accountantscontrole en andere onderzoeken worden ingericht alsmede de aard en de omvang van de daarbij behorende werkzaamheden.
**2..** De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening de frequentie van de uit te voeren controles. De accountant kan de controlewerkzaamheden zonder voorafgaande kennisgeving uitvoeren.
**3..** Ter bevordering van een doelmatige en doeltreffende uitvoering van de accountantscontrole vindt zo nodig periodiek (afstemmings-)overleg plaats tussen de directeur van de Gemeentelijke Accountantsorganisatie Den Haag, de voorzitter van de Rekeningencommissie, de portefeuillehouder Financiën en de gemeentesecretaris of de concerncontroller.
Artikel 6
Inrichting accountantscontrole en andere onderzoeken
Onderdeel van Controleverordening gemeente Den Haag 2014