**1..** Een persoon heeft een langdurig laag inkomen als bedoeld in artikel 36, eerste lid van de Participatiewet als gedurende de referteperiode het in aanmerking te nemen inkomen niet hoger is dan 105% van de toepasselijke bijstandsnorm.
**2..** Als één van de gehuwden op grond van artikel 11 of artikel 13, eerste lid, van de Participatiewet geen recht heeft op bijstand, komt de rechthebbende echtgenoot in aanmerking voor een individuele inkomenstoeslag naar de hoogte die voor hem als alleenstaande of alleenstaande ouder geldt.
**3..** Voor toepassing van het tweede lid is de situatie op de peildatum leidend.
**4..** Tijdens detentie ontstaat geen recht op individuele inkomenstoeslag.
**5..** De referteperiode wordt verlengd met de periode van detentie.
**6..** Niet voor individuele inkomenstoeslag komt in aanmerking de belanghebbende die een opleiding volgt als bedoeld in de WTOS, of een studie volgt als bedoeld in de WSF 2000.
**7..** Het college kan nadere regels stellen over welke doelgroepen niet in aanmerking komen voor de individuele inkomenstoeslag en in welke situaties er sprake is van uitzicht op inkomensverbetering.
Artikel 3
Voorwaarden
Onderdeel van Verordening individuele inkomenstoeslag gemeente Midden-Delfland 2015