Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Subsidieplafond

Onderdeel van Regeling subsidie Top- en Breedtesportevenementen

Er wordt een subsidieplafond vastgesteld; Voor Topsportevenementen en Breedtesportevenementen worden de volgende jaarlijkse deelbudgetten gehanteerd: 55% van het subsidieplafond is bestemd voor Topsportevenementen; 45% van het subsidieplafond is bestemd voor Breedtesportevenementen; Er zijn jaarlijks twee subsidieperiodes: Periode 1:     1 januari t/m 30 juni; Periode 2:     1 juli t/m 31 december; In periode 1 wordt maximaal 50% van het plafond verleend. Mocht het deelbudget Topsportevenementen of Breedtesportevenementen voor periode 1 of 2 overvraagd zijn, dan kan vanuit het andere deelbudget, mits nog niet verbruikt, een aan de aanvragen voor de lopende periode gerelateerd bedrag worden bijgevoegd. Als in een jaar het budget van de eerste periode op de eerste dag van de tweede periode nog niet is verbruikt, wordt het restant van het budget gevoegd bij het budget voor de tweede periode.

Rechtspraak bij dit artikel