Naar hoofdinhoud
Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (Ioaw), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (Ioaz), de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en de Gemeentewet. In deze verordening wordt verstaan onder: benadelingsbedrag: netto-uitkering waarop eerder, langer of tot een hoger bedrag een beroep wordt of is gedaan ten gevolge van tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan; bijstandsnorm: toepasselijke bijstandsnorm als bedoeld in artikel 5, onderdeel c van de Participatiewet of grondslag van de uitkering als bedoeld in artikel 5 van de Ioaw/Ioaz voor zover sprake is van een uitkering op grond van de Ioaw/Ioaz; uitkering: algemene bijstand op grond van de Participatiewet of een uitkering op grond van de Ioaw/Ioaz; beslagvrije voet: als bedoeld in de artikelen 475c tot en met 475e van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering; recidiveboete: bestuurlijke boete als bedoeld in artikel 18a, vijfde lid van de Participatiewet. Geüniformeerde verplichtingen en maatregelen: (arbeids) verplichtingen en maatregelen die in de wetgeving zijn gestandaardiseerd. Het college heeft geen bevoegdheid tot het opleggen/afzien van de verplichtingen en maatregelen, dit is wettelijke verplicht. Niet geüniformeerde verplichtingen en maatregelen: (arbeids) verplichtingen en maatregelen waarbij het college de bevoegdheid heeft om deze al dan niet op te leggen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel